Bami goreng (Indonesisch)

Ingrediënten

  • 1 pak bami (Chinese mihoen)
  • zout
  • 250 gram varkensvlees (of kip)
  • 50 gram boter of 5 eetlepels olie
  • 100 gram garnalen (gedroogd of vers)
  • 2 uien
  • 4 teentjes knoflook
  • 1 mespunt trassi kentjur
  • 1 theelepel vetsin
  • 2 laurierblaadjes
  • ketjap
  • 100 gram taugee of 100 gram kool of 200 gram andijvie
  • 1 verse prei
  • peper of sambal

Bereiding
De bami koken volgens de aanwijzingen op de verpakking.
Bami is altijd gaar als u er doorheen kunt knijpen zonder een hard stukje te voelen.
Als de bami gaar is, dan giet u ze af en spoelt haar na met koud water om ‘klitten’ te voorkomen.
Intussen bakt u het vlees in de boter of olie, samen met de garnalen.
Gedroogde garnalen wel van te voren weken.
Samen met het vlees bakt u de fijngesneden uit, de knoflook, trassi, kentjur, vetsin en de laurierblaadjes.
Als het vlees gaar is de bami toevoegen en omscheppen, terwijl u de ketjap (een mix van zoete en zoute ketjap, verhouding 2 1 is het lekkerst) in kleine hoeveelheden toevoegd.
Als de bami bijna klaar is, de taugee of de andere groenten (eventueel een zakje gedroogde bamikruiden) toevoegen en de fijngesneden prei.
De groenten maar kort verwarmen, ze moeten knapperig blijven.
Op smaak afmaken met peper of sambal.
Garneer met komkommer, tomaat, paprika en reepjes omelet.

Reageren is niet mogelijk